Schrif­te­lijke vragen inzake het aantal uitge­schreven boetes voor het achter­laten van zwerf­afval


Schriftelijke vragen van het lid J.F.W. van Lammeren (Partij voor de Dieren) inzake het aantal uitgeschreven boetes voor het achterlaten van zwerfafval

Aan het college van burgemeester en wethouders

Inleiding
Het stadsbestuur heeft plannen om de boetebedragen voor milieuverontreiniging en het achterlaten van zwerfafval te verhogen[1] zodat zij vanwege de rechtsgelijkheid in lijn worden gebracht met landelijke bedragen.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

1. Is het waar dat de gemeentelijke boetebedragen worden gelijkgesteld aan de landelijke boetebedragen vanwege recentelijke aanpassingen hierin?
2. Komt het voor dat boetebedragen die de gemeente hanteert lager zijn dan de boetebedragen die in de landelijke wet- en regelgeving zijn opgenomen? Zo ja, bij welke overtredingen is dit het geval?
3. Hoeveel boetes zijn er in 2015 en 2016 uitgedeeld voor milieuverontreiniging en het achterlaten van zwerfafval?
4. Is er bekend hoeveel zwerfafval er in 2015 en 2016 van de straat en uit het water is gehaald? Zo ja, hoeveel is dit?
5. Deelt het college de mening dat het verhogen van boetes voor milieuverontreiniging en het achterlaten van zwerfafval niet werkt wanneer er niet effectief op gehandhaafd wordt?
6. Welke vorderingen op het gebied van handhaving zijn er sinds het college hier extra geld voor vrijmaakte?[2]

Het lid van de gemeenteraad,

J.F.W. van Lammeren

[1] http://www.at5.nl/artikelen/167038/gemeente-wil-boetes-milieuverontreiniging-verhogen

[2] http://www.parool.nl/amsterdam/ruim-3-miljoen-voor-extra-handhaving~a4406542/

Antwoorddatum: 13 jul. 2017

1. Is het waar dat de gemeentelijke boetebedragen worden gelijkgesteld aan de landelijke boetebedragen vanwege recentelijke aanpassingen hierin?

Antwoord: Ja. Zoals in eerdere beantwoording van raadsvragen is aangegeven, is gebleken dat er in de gepubliceerde versie van Besluit Bboor wijzigingen door het ministerie zijn opgenomen. Deze wijzigingen zijn in Amsterdam bekend geworden na de publicatie van onze Verordening Bboor in de Staatscourant op 2 januari 2017. De bijlage van de Verordening wordt hierop aangepast en zal binnenkort ter vaststelling aan de raad worden voorgelegd.

2. Komt het voor dat boetebedragen die de gemeente hanteert lager zijn dan de boetebedragen die in de landelijke wet- en regelgeving zijn opgenomen? Zo ja, bij welke overtredingen is dit het geval?

Antwoord: Nee. Uitgangspunt is dat de boetebedragen voor de verschillende overtredingen uit de bijlage bij het besluit Bestuurlijke boete overlast in de openbare ruimte (Bboor) worden gehanteerd in de Verordening Bboor. Van belang daarbij is dat de besluitvorming door het Rijk (bijlage besluit Bboor) en de gemeenteraad (bijlage Verordening Bboor) synchroon lopen om wijzigingen tegelijkertijd te kunnen doorvoeren. Daarom zal in de geactualiseerde bijlage bij de Verordening Bboor worden verwezen naar de boetebedragen uit het besluit.

3. Hoeveel boetes zijn er in 2015 en 2016 uitgedeeld voor milieuverontreiniging en het achterlaten van zwerfafval?

Antwoord: In 2015 zijn er 4.231 boetes uitgedeeld voor het verkeerd aanbieden van huisvuil en 115 boetes voor het achterlaten van straatafval in de openbare ruimte. In 2016 zijn er 2.837 boetes uitgedeeld voor het verkeerd aanbieden van huisvuil en 174 boetes voor het achterlaten van straatafval in de openbare ruimte. Omdat er door de rve H&T en de 7 stadsdelen met verschillende registratiesystemen en bijbehorende definities wordt gewerkt, moeten deze cijfers worden beschouwd als een zo goed mogelijke benadering van de werkelijkheid. Vanaf 1 juni 2017 wordt er stedelijk gewerkt met een nieuw registratiesysteem. Dit maakt snelle en betrouwbare rapportage mogelijk.

4. Is er bekend hoeveel zwerfafval er in 2015 en 2016 van de straat en uit het water is gehaald? Zo ja, hoeveel is dit?

Antwoord: Indicatief kan worden aangegeven dat er jaarlijks tussen de 5.000 en 10.000 ton aan zwerf- en drijfafval in de stad vrijkomt. De marge in hoeveelheid wordt verklaard doordat het zwerfafval samen met het veegvuil (zand, bladeren etc.) in de veegmachines van straat wordt verwijderd. Hiernaast wordt een deel van het zwerfafval in het stedelijk afval (via de afvalbakken) of met het bedrijfsafval of huishoudelijk afval verwijderd. Hier zijn geen gegevens over bekend.

5. Deelt het college de mening dat het verhogen van boetes voor milieuverontreiniging en het achterlaten van zwerfafval niet werkt wanneer er niet effectief op gehandhaafd wordt?

Antwoord: Ja. Hogere boetes hebben alleen een afschrikwekkende betekenis als de overtreder ook het gevoel heeft dat de pakkans relatief groot is. De handhaving van afvalproblematiek is een stedelijke handhavingsprioriteit. Door informatiegestuurd te handhaven is het streven om de pakkans van overtreders te vergroten. Ook zullen op probleemlocaties handhavers worden ingezet zonder uniform. Omdat handhaving alleen niet de oplossing van de afvalproblematiek is, bent u eerder geïnformeerd over het optimaliseren van de afvalketen (afvalinzameling, reiniging en handhaving).

6. Welke vorderingen op het gebied van handhaving zijn er sinds het college hier extra geld voor vrijmaakte?2

Antwoord: De extra middelen zijn onder andere gebruikt om de handhavingscapaciteit van de vliegende brigade van de rve Handhaving en Toezicht te vergroten. De handhavers worden integraal ingezet op overlast in de openbare ruimte, dus ook op zwerfvuil en verkeerd aanbieden van afval. De stadsdelen zijn primair verantwoordelijk voor het handhaven op afval binnen hun gebied. Daarmee wordt tevens samengewerkt in het kader van Aanvalsplan Schoon. Met de stadsdelen worden afspraken gemaakt over de wijze van inzet en de vormen van interventies. Met de samenwerking beogen we snel en flexibel de juiste mensen en middelen in te zetten, opdat de overlast adequaat en effectief wordt teruggedrongen. In het kader van het binnenstadoffensief wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een effectieve methodiek met de afdeling Reiniging die mogelijkerwijs stadsbreed kan worden uitgerold. Er zijn in dit stadium nog geen concrete resultaten bekend van de handhavingsinspanningen. In de monitoring van de inzet van de vliegende brigade zal worden vermeld welke inspanningen er op het gebied van de handhaving van de afvalproblematiek zijn verricht.

Burgemeester en wethouders van Amsterdam

A.H.P. van Gils, secretaris E.E. van der Laan, burgemeester