Schrif­te­lijke vragen inzake het gebruik van gemeen­te­lijke vogel- en vleer­muis­kaarten


Schriftelijke vragen van het lid A.L. Bakker inzake het gebruik van gemeentelijke vogel- en vleermuiskaarten

Aan het college van burgemeester en wethouders

Toelichting door de vragenstelster:

Amsterdam kent geografische kaarten waarop te zien is waar zich in de stad broedplaatsen van gierzwaluwen, boerenzwaluwen, huiszwaluwen, huismussen en spreeuwen bevinden[i]. Er is ook een kaart waarop te zien is waar vleermuizen voorkomen[ii].

De Partij voor de Dieren hecht waarde aan deze kaarten, omdat ze laten zien hoe ook dieren een plek in Amsterdam vinden. Daarnaast kunnen de kaarten bijdragen aan de bescherming van deze dieren indien de informatie gebruikt wordt bij de beoordeling van vergunningverlening voor werkzaamheden. Zo kan het optuigen van een steigerdoek voor schilderwerkzaamheden onschuldig lijken, terwijl het voor aanwezige vleermuizen in de spouwmuur betekent dat de vliegingang naar hun verblijfplaats compleet wordt geblokkeerd.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

  1. Op welke manier komen de registraties in de kaarten tot stand?
  2. Kan het college aangeven in hoeverre deze kaarten actueel zijn?
  3. Heeft het college inzichtelijk of er voldoende mensen zorgdragen voor het bijhouden van deze kaarten?
  4. In hoeverre worden deze kaarten door de gemeente/stadsdelen en door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied gebruikt bij het beoordelen van vergunningaanvragen voor werkzaamheden?
  5. Wordt er op enige wijze bijgehouden hoe vaak de kaarten worden gebruikt door vergunningverleners? Kan het college een toelichting geven: in hoeverre wel of niet en waarom?
  6. Is de informatie van deze kaarten gekoppeld aan de systemen van de vergunningverleners zodat zij direct over het desbetreffende adres geïnformeerd worden? Indien nee: zijn er plannen om dit te realiseren? Graag een toelichting.
  7. Kan het college beoordelen in hoeverre natuurinclusieve bouwprojecten (bijvoorbeeld met ingemetselde neststenen voor gierzwaluwen) succesvol zijn geweest voor het creëren van nestgelegenheid?

Het lid van de gemeenteraad,

A.L. Bakker

[i] https://maps.amsterdam.nl/vogels/?LANG=nl

[ii] https://maps.amsterdam.nl/vleermuizen/

Antwoorddatum: 24 mrt. 2020

1. Op welke manier komen de registraties in de kaarten tot stand?
Antwoord: Gierzwaluwen en huismussen worden volgens een vast protocol geïnventariseerd. Ieder jaar wordt ongeveer 25 % van de stad onderzocht. De resultaten van deze inventarisatie worden vervolgens op maps.amsterdam.nl/vogels gepubliceerd. Ook nesten van spreeuwen, huis- en boerenzwaluwen worden op de kaart gezet. Deze soorten worden echter niet systematisch en gebiedsdekkend geïnventariseerd. Daarnaast komt er voorjaar 2020 een kaart met de broedvogels van de parken op maps.amsterdam.nl.

Verblijfplaatsen van vleermuizen staan nog niet op maps.amsterdam.nl. Aan deze kaart wordt nog gewerkt. De kaart die nu via https://maps.amsterdam.nl/vlee... benaderd kan worden is een werkkaart. De aangepaste kaart wordt binnenkort gepubliceerd.

2. Kan het college aangeven in hoeverre deze kaarten actueel zijn?
Antwoord: Sinds 2014 worden verblijfplaatsen van gierzwaluwen en huismussen geïnventariseerd. Elk jaar wordt een vierde in kaart gebracht, zodat in vier jaar tijd
de hele stad gedaan is. Gegevens zijn dus nooit ouder dan vier jaar. In 2019 zijn de broedvogels in de parken geïnventariseerd; deze gegevens zijn
dus actueel.
Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn maar deels bekend. Vleermuizen kunnen alleen met speciale apparatuur worden waargenomen. Het is te tijdrovend en te
kostbaar om alle verblijfplaatsen in Amsterdam in kaart te brengen. Op de kaart komen: de verblijfplaatsen die tot nog toe zijn aangetroffen, waarnemingen op
locaties en op gefietste en gelopen transecten. Deze gegevens zijn actueel.

3. Heeft het college inzichtelijk of er voldoende mensen zorgdragen voor het bijhouden van deze kaarten?
Antwoord: Ja. De stadsecologen zorgen voor de juiste informatie op de kaarten.

4. In hoeverre worden deze kaarten door de gemeente/stadsdelen en door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied gebruikt bij het beoordelen van
vergunningaanvragen voor werkzaamheden?

Antwoord: De vergunningverleners van de Omgevingsdienst Noordzeekanaal en van de stadsdelen zijn geïnformeerd over de beschikbaarheid van de kaarten en maken daar gebruik van.

5. Wordt er op enige wijze bijgehouden hoe vaak de kaarten worden gebruikt door vergunningverleners? Kan het college een toelichting geven: in hoeverre wel of niet en waarom?
Antwoord: De vergunningverleners houden niet bij welke bronnen ze gebruiken bij het verlenen van een vergunning. In overleg met vergunningverlening is er een
Handleiding Vergunningen, Toezicht en Handhaving opgesteld. Deze wordt binnenkort aan de toolbox van de vergunningverleners toegevoegd, hierin wordt
verwezen naar de relevante kaarten op maps.amsterdam.nl.

6. Is de informatie van deze kaarten gekoppeld aan de systemen van de vergunningverleners zodat zij direct over het desbetreffende adres geïnformeerd worden? Indien nee: zijn er plannen om dit te realiseren? Graag een toelichting.

Antwoord: De kaarten zijn op dit moment niet gekoppeld aan het nieuwe systeem wat gebruikt wordt voor vergunningverlening (Powerbrowser). Het systeem kent nog wat opstartproblemen, zodat het niet mogelijk is om op korte termijn een koppeling te maken met de vogelkaarten. Als het systeem goed werkt zullen de mogelijkheden de systemen te koppelen onderzocht worden.

7. Kan het college beoordelen in hoeverre natuurinclusieve bouwprojecten (bijvoorbeeld met ingemetselde neststenen voor gierzwaluwen) succesvol zijn geweest voor het creëren van nestgelegenheid?
Antwoord: Bij het voormalige terrein van de Gemeente Waterleidingen in Amsterdam-Westen bij IJburg zijn gierzwaluwnesten ingemetseld. Bij later onderzoek is
gebleken dat deze stenen zeer goed worden gebruikt. Bij het GWL-terrein door huismussen en gierzwaluwen; op IJburg zijn er van de 600 ingemetselde kasten
ruim 75% , door vooral huismussen, bezet.