Schrif­te­lijke vragen inzake een vuur­werk­verbod voor parti­cu­lieren bij profes­si­onele vuur­werk­shows


Indiendatum: dec. 2015

Amsterdam, 15-12-2015

Uit een onderzoek dat in opdracht van Binnenlands Bestuur door I&O Research is uitgevoerd blijkt dat als gemeenten een professionele vuurwerkshow organiseren, een meerderheid van de Nederlanders voor een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren is. Daarnaast blijkt dat ook de steun voor vuurwerkvrije zones is gegroeid en dat driekwart van alle Nederlanders overlast van vuurwerk ervaart zoals lawaai, troep op straat en stress bij huisdieren. Wat de Partij voor de Dieren betreft wordt het afsteken van vuurwerk door particulieren verboden, in plaats daarvan kunnen professionele vuurwerkshows georganiseerd worden. De Partij voor de Dieren wil dan ook weten hoe de situatie in Amsterdam is en is benieuwd hoe de Amsterdammer tegen vuurwerk(overlast) aankijkt.

Aan het college van burgemeester en wethouders

Gezien het vorenstaande heeft ondergetekende de eer, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen te stellen:

1. Is het college bekend met het onderzoek[1] waaruit blijkt dat als gemeenten een professionele vuurwerkshow organiseren een meerderheid van de Nederlanders voor een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren is? Hoe beoordeelt het college de bevindingen uit dit onderzoek?

2. Is het college ervan op de hoogte hoe de inwoners van Amsterdam denken over een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren bij een professionele vuurwerkshow georganiseerd vanuit de gemeente? Zo ja, hoe zit dit dan? Zo nee, is het college bereid dit te onderzoeken?

3. Is het college bereid te lobbyen voor de mogelijkheid van een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren bij een professionele vuurwerkshow vanuit de gemeente en/of andere extra maatregelen om vuurwerkoverlast in te dammen? Zo nee, waarom niet?

4. Kan het college aangeven wat de bedragen met betrekking tot schade door vuurwerk van de afgelopen vijf jaar in de gemeente Amsterdam zijn? Zo nee, waarom niet?

5. Kan het college aangeven wat het aantal slachtoffers met letselschade is, opgelopen door vuurwerk in Amsterdam? Zo ja, kan het college aangeven wat deze aantallen van de afgelopen vijf jaar zijn, en hierbij indien mogelijk vermelden of het letsel bij omstanders betreft die zelf geen vuurwerk afstaken?

6. Is het mogelijk deze vragen beantwoord te krijgen voor de behandeling van de evaluatie jaarwisseling in de eerstvolgende commissievergadering Algemene Zaken?

Gelieve bij ieder antwoord de bron te vermelden.

Het lid van de gemeenteraad,

J.F.W. van Lammeren

[1] http://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-en-organisatie/nieuws/vuurwerkshows-vergroten-draagvlak-verbod.9504417.lynkx

Indiendatum: dec. 2015
Antwoorddatum: 22 jan. 2016

1. Is het college bekend met het onderzoek waaruit blijkt dat als gemeenten een professionele vuurwerkshow organiseren een meerderheid van de Nederlanders voor een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren is? Hoe beoordeelt het college de bevindingen uit dit onderzoek?

Antwoord: Het college is bekend met deze rapportage. Zie het antwoord op vragen 2 en 3 voor het standpunt van het college ten aanzien van het afsteken van vuurwerk in Amsterdam en de landelijke regelgeving.

2. Is het college ervan op de hoogte hoe de inwoners van Amsterdam denken over een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren bij een professionele vuurwerkshow georganiseerd vanuit de gemeente? Zo ja, hoe zit dit dan? Zo nee, is het college bereid dit te onderzoeken?

Antwoord: Er is geen onderzoek gedaan naar de vraag hoe de inwoners van Amsterdam denken over een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren bij een professioneel georganiseerde vuurwerkshow vanuit de gemeente. Sinds 2007 wordt er vanuit de gemeente een aftelmoment georganiseerd op een centrale locatie. De afgelopen jaren was dit op de locatie Oosterdok met een professionele vuurwerkshow die inmiddels als nationaal aftelmoment ook door de NOS integraal wordt uitgezonden. Steeds meer bewoners en bezoekers van Amsterdam bezoeken dit nationale aftelmoment. Deze gemeenschappelijke vuurwerkshow ziet het college als goed alternatief voor het particulier afsteken van vuurwerk. Het college hecht er waarde aan dat vuurwerkregels uniform zijn. Daarmee zal een vuurwerkverbod niet gebonden zijn aan een lokaal door de gemeente georganiseerde vuurwerkshow maar afhankelijk zijn van landelijke regelgeving. Het college zal op dit moment dan ook geen onderzoek doen naar deze vraag maar het nationaal aftelmoment blijven organiseren als goed alternatief en lokaal maatwerk op dit gebied.

3. Is het college bereid te lobbyen voor de mogelijkheid van een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren bij een professionele vuurwerkshow vanuit de gemeente en/of andere extra maatregelen om vuurwerkoverlast in te dammen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: De burgemeesters van de G4 hebben reeds in 2014 gesproken met de heer Opstelten, toenmalig minister van V&J en mevrouw Mansveld, toenmalig staatsecretaris I&M. Naar aanleiding van dit gesprek is er een brief gestuurd namens de G4 met hierin aangegeven dat de inzet van de overheid zich zou moeten richten op terugdringen van de negatieve gevolgen van het afsteken van vuurwerk. Hierbij zijn de volgende thema’s benoemd:
- aanpak van zwaar en illegaal vuurwerk;
- verscherpen controle op de kwaliteit van legaal vuurwerk;
- beperking van de afsteektijden;
- beperking van de verkooptijden;
- bevorderen van de naleving;
- aanbieden van alternatieven.
Hierop volgend is in 2014 de regelgeving rondom vuurwerk aangepast waaronder de inkorting van de toegestane afsteektijden.
Vooralsnog is er geen lobby vanuit het college voor een algemeen vuurwerkverbod voor particulieren. Wel voor inzet en (extra) maatregelen om vuurwerkoverlast in te dammen. Verder volgt het college het landelijk beleid wat betreft vuurwerk en dit is een verantwoordelijkheid van de desbetreffende ministeries. Conform de APV zijn er wel vuurwerkvrije zones rondom diereninstellingen.

4. Kan het college aangeven wat de bedragen met betrekking tot schade door vuurwerk van de afgelopen vijf jaar in de gemeente Amsterdam zijn? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Het college kan niet aangeven wat de bedragen zijn met betrekking tot schade door vuurwerk. Deze schade bestaat uit schade bij particulieren en schade aan gemeentelijke eigendommen. De schade bij particulieren is mogelijk bekend bij het verbond van verzekeraars. De schade aan gemeentelijke eigendommen wordt niet structureel en/of systematisch in kaart gebracht.

5. Kan het college aangeven wat het aantal slachtoffers met letselschade is, opgelopen door vuurwerk in Amsterdam? Zo ja, kan het college aangeven wat deze aantallen van de afgelopen vijf jaar zijn, en hierbij indien mogelijk vermelden of het letsel bij omstanders betreft die zelf geen vuurwerk afstaken?

Antwoord: De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) heeft de afgelopen 5 jaar, conform de afspraken vanuit de subvijfhoek “Oud en Nieuw”, het aantal vuurwerk gerelateerde ambulance-inzetten bijgehouden. Hierbij is niet gespecificeerd of het letsel betrof bij omstanders die zelf geen vuurwerk afstaken. Deze registratie heeft betrekking op de periode tussen 00.00 uur 31 december en 08.00 uur 01 januari, in totaal 32 uur.
Hierbij zijn niet inbegrepen de personen met letsel die zich zelf melden bij huisartsenposten, eerstehulp- of EHBO-posten of ziekenhuis.
2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015
Vuurwerkgerelateerde ambulanceritten in Amsterdam 7 38 3 15

Voor Oud en Nieuw 2013-2014 zijn in de vijfhoek destijds vragen gesteld over aantallen en soorten letsels door vuurwerk. De GHOR heeft vervolgens de organisatie VeilgheidNL de opdracht verstrekt een analyse te doen naar ongevallen in de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland (zie bijlage). Het aantal op de spoedeisende hulp geregistreerde behandelingen voor vuurwerk betrof toen 61 voor de periode van 28 december t/m 1 januari. Het betrof hier in 49% van de gevallen de eigenaar van het vuurwerk en in 44% niet de eigenaar, de rest was onbekend. Dit onderzoek is eenmalig uitgevoerd.

6. Is het mogelijk deze vragen beantwoord te krijgen voor de behandeling van de evaluatie over de jaarwisseling in de vergadering van de raadscommissie voor Algemene Zaken c.a. op 7 januari 2016?

Antwoord: De bespreking van de evaluatie jaarwisseling 2014-2015 in de raadscommissie Algemene Zaken zal plaatsvinden op 28 januari 2016. De vragen zijn voor deze datum beantwoord.

Burgemeester en wethouders van Amsterdam
A.H.P. van Gils, secretaris E.E. van der Laan, burgemeester