Schrif­te­lijke vragen inzake de keuze voor bewoners tussen een boom óf een parkeerplek in stadsdeel West


Het is weer raak met grote plannen voor bomenkap in Amsterdam. In Amsterdam West worden mogelijk negentien bomen in één straat gekapt voor… parkeerplekken! De fractie van de Partij voor de Dieren vindt het een gotspe.

De kwestie speelt zich af rondom het ontwerp van de herinrichting van de Gillis van Ledenberchstraat in West. Volgens een artikel van de Westkrant [i] en de bewonersbrief [ii] zal het stadsdeel drie varianten voor de herinrichting aan bewoners voorleggen. Een van de varianten betekent het omzagen van negentien bomen. Voor het levensvatbaar houden van de bomen zouden namelijk grotere boomvakken aangelegd moeten worden en met deze optie zou er te weinig parkeerruimte overblijven. Bij een derde variant vervallen inritten voor garages, waardoor bijna alle bomen blijven staan én het aantal parkeerplekken op peil blijft.

De Partij voor de Dieren vindt het onverantwoord dat aan bewoners de keuze wordt gegeven om alle huidige bomen in te ruilen voor parkeerplekken. Amsterdam moet bomen zo lang mogelijk behouden en niet voor elk wissewasje opofferen. Er zouden volgens de indiener alleen varianten voor de herinrichting voorgelegd moeten worden waarbij zoveel mogelijk bomen kunnen blijven staan. In de nabije omgeving van de Gillis van Ledenberchstraat zijn recent al alle bomen in de Frederik Hendrikstraat gekapt. Ook zijn er bomen in de Rombout Hogerbeetstraat en Van Oldebarneveldtstraat gekapt. En vlakbij de Gillis van Ledenberchstraat wordt nota bene de Singelgrachtgarage gebouwd waardoor er minder auto’s op straat zouden parkeren.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

  1. Is het college bekend met de varianten voor de herinrichting van de straat?
  2. Vindt het college het getuigen van verantwoord groenbeleid dat de buurtbewoners mogen kiezen tussen een boom of een parkeerplaats?
  3. Waarom legt het stadsdeel een variant voor waarbij alle bomen gekapt worden, terwijl er een variant bestaat waarbij alle bomen bespaard blijven?
  4. Wat zijn de afgesproken principes waar stadsdelen zich aan moeten houden wat betreft behoud van bomen bij herinrichtingsplannen?
  5. Indien er geen staand beleid: is het college bereid om als richtlijn aan de stadsdelen op te leggen dat bij herinrichting alleen varianten worden uitgewerkt waarbij bestaande bomen zoveel mogelijk behouden blijven?
  6. Past het kappen van alle bomen in een straat bij de groene ambities van het college?

[i] https://www.dewestkrant.nl/bomen-mogelijk-weg-voor-parkeerplekken/
[ii] https://west.notubiz.nl/modules/1/Memo%27s%20en%20brieven%20/555142

Antwoorddatum: 24 jan. 2020

1. Is het college bekend met de varianten voor de herinrichting van de straat?
Antwoord: Ja, het college is bekend met de varianten voor de herinrichting van de straat. Het is een herinrichting die wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur van stadsdeel West, omdat de straat buiten de hoofd- en plusnetten auto en openbaar vervoer ligt.

2. Vindt het college het getuigen van verantwoord groenbeleid dat de buurtbewoners mogen kiezen tussen een boom of een parkeerplaats?
Antwoord: Het college hecht grote waarde aan groen in de stad. Bij de herinrichting van een straat komen meerdere gemeentelijke ambities, wensen van bewoners en technische eisen bij elkaar. Omdat de ruimte tussen de gevels – zeker in dit deel van de stad – beperkt is, zullen deze niet allemaal ingewilligd kunnen worden. Het college ziet het als een goed middel om meerdere varianten uit te werken indien de verschillende wensen onverenigbaar zijn. In het kader van goede participatie en democratisering, kan het heel nuttig zijn om varianten aan bewoners en andere belanghebbenden voor te leggen. De opvattingen van bewoners en andere belanghebbenden bieden het bestuursorgaan, in dit geval het dagelijks bestuur van stadsdeel West, nuttige informatie om een gewogen besluit te nemen over het ontwerp van de herinrichting.

3. Waarom legt het stadsdeel een variant voor waarbij alle bomen gekapt worden, terwijl er een variant bestaat waarbij alle bomen bespaard blijven?
Antwoord: Het stadsdeel hecht aan de participatie van bewoners bij de herinrichting van straten. Het stadsdeel heeft drie varianten voorgelegd aan bewoners. Dit kwam voort uit een vraag van bewoners. Het maaiveldontwerp voor de Gillis van Ledenberchstraat is uitgewerkt in samenwerking met de bewoners. De bewoners hebben diverse mogelijkheden bestudeerd en uiteindelijk gekozen voor een herinrichtingsprincipe waarbij de auto’s aan de oostelijke zijde van de straat haaks geparkeerd worden. Tijdens de technische voorbereidingen voor de uitvoering bleek dat het wortelpakket van de 19 bomen dusdanig hoog gelegen ligt dat er bij de nieuwe bestrating onvoldoende afwatering mogelijk is (rainproof). Om dit op te lossen moesten de boomvakken worden vergroot met veel gevolgen van dien – vermindering van het aantal parkeerplaatsen en minder stoep- en speelruimte. Een extra bewonersavond is gehouden om hierover van gedachten te wisselen. Tijdens deze bewonersavond verzochten de bewoners om in beeld te brengen wat de mogelijke varianten zijn voor een oplossing. Kort na de extra bewonersavond bleek aan de westzijde ruimte te ontstaan voor langsparkeren doordat diverse inritten van garages kwamen te vervallen als gevolg van omzetting tot woningen. Dit leidde tot een nieuwe kans waarbij haaksparkeren omgezet kon worden naar twee keer langsparkeren en behoud van de bomen. Deze mogelijkheid is toegevoegd aan de andere varianten en ter keuze voorgelegd aan de bewoners.

4. Wat zijn de afgesproken principes waar stadsdelen zich aan moeten houden wat betreft behoud van bomen bij herinrichtingsplannen?
Antwoord: Het uitgangspunt van het ‘Plan Openbare Ruimte voor de Frederik Hendrikbuurt’, de leidraad voor uitwerking van de maaiveldontwerpen, gaat uit van zoveel mogelijk behoud van de bestaande bomen.

5. Indien er geen staand beleid: is het college bereid om als richtlijn aan de stadsdelen op te leggen dat bij herinrichting alleen varianten worden uitgewerkt waarbij bestaande bomen zoveel mogelijk behouden blijven?
Antwoord: Nee, andere ambities, uitgangspunten en wensen van bewoners zouden hierdoor te veel worden ingeperkt. Het college is van mening dat behoud van zoveel mogelijk bomen een belangrijk uitgangspunt is bij ruimtelijke ingrepen en dat een zorgvuldige afweging tussen behoud en kap bij projecten noodzakelijk is. Om tot een zorgvuldige afweging te kunnen komen is afgelopen jaar een landelijke richtlijn, de Boomeffectenanalyse (BEA) uitgebracht die zorgt voor een objectieve en transparante afweging. De richtlijn bestaat uit twaalf ‘bouwstenen’, waarbij de gevolgen van de geplande activiteiten voor bomen in beeld wordt gebracht. Vast onderdeel van deze richtlijn is dat altijd gekeken wordt naar het alternatief van behoud van bestaande bomen. De richtlijn is uitgebracht door de CROW en landelijke Bomenstichting. Deze richtlijn zal extra onder de aandacht gebracht worden bij de stadsdelen.