Schrif­te­lijke vragen inzake de bescherming en kap van twee vleu­gel­noot­bomen aan de Vening Meines­zlaan en de Vervoor­en­straat in Nieuw-West


Schriftelijke vragen van het lid A.L. Bakker (Partij voor de Dieren) inzake de bescherming en kap van twee vleugelnootbomen aan de Vening Meineszlaan en de Vervoorenstraat in Nieuw-West

Aan het college van burgemeester en wethouders

Inleiding

Bewoners van de wijk Slotermeer-Noordoost hebben de afgelopen weken bezwaarschriften en een schorsingsverzoek ingediend voor het kapbesluit van twee vleugelnootbomen die tussen de Vening Meineszlaan en de Vervoorenstraat staan. Het besluit om kap goed te keuren werd bekendgemaakt op 3 oktober jl. en de bezwaarmakers wijzen op een onjuiste en onduidelijke procedure voorafgaand aan het besluit.

In de buurt leeft al lange tijd de wens om vleugelnootbomen een beschermde status toe te kennen. In het door Van Eesteren ontworpen Tuinstad Slotermeer zijn de bomenlanen in de straten beeldbepalend. Op 14 maart 2018 is de wens tot extra bescherming van de bomen bestuurlijk bekrachtigd met een unaniem aangenomen motie van GroenLinks in de bestuurscommissie bij de bespreking van het bestemmingsplan Slotermeer. Hiermee werd het Dagelijks Bestuur opgedragen om de bomen voor te dragen voor de monumentale bomenlijst van de gemeente Amsterdam. Actie hiertoe bleef vervolgens uit. Voorts is het onduidelijk hoe het kapbesluit kan zijn genomen zonder in acht neming van de motie.

De Amsterdamse Bomenverordening uit 2014 stelt dat houtopstanden in een compacte stad als Amsterdam een schaars goed vormen waarmee zorgvuldig moet worden omgesprongen. De Partij voor de Dieren vindt dit ook uiterst belangrijk en was daarom al eerder de initiatiefnemer van een debat dat 30 oktober jl. plaatsvond over de geplande kap van monumentale schietwilgen in Oost. Hieruit bleek dat de bomen over het hoofd waren gezien in de planvorming van het gebied. Ook bleek dat er nog geen adviescommissie ‘beschermwaardige houtopstanden’ is opgericht die moet adviseren over de plaatsing of verwijdering van houtopstanden van de monumentale lijst.

De Partij voor de Dieren maakt zich zorgen over het behoud van bomen in Amsterdam en wil daarom graag opheldering over de gang van zaken rond de kapaanvraag en het kapbesluit van de twee vleugelnootbomen tussen de Vening Meineszlaan en de Vervoorenstraat.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

1. Is het college bekend met het genoemde kapbesluit van twee vleugelnootbomen (OLO 3855905), de bezwaarschriften en het ingediende schorsingsverzoek?

2. Kan het college opheldering geven over de aangenomen motie in het stadsdeel, de waarde van de motie en de gang van zaken rondom de uitvoering?

3. Wat is de juiste procedure voor de plaatsing van bomen op de monumentale bomenlijst? Welke rol spelen de stadsdelen hierin?

4. Kan het college aangeven of er fouten zijn gemaakt in de procedure rondom het al dan niet plaatsen van de bomen op monumentale bomenlijst?

Toelichting door de vragensteller: wethouder Ivens heeft aangegeven dat het college in het eerste kwartaal van 2019 met alle missende informatie en de uitwerking van nodige procedures zal komen over het bomenbeleid, waaronder een bomenboekhouding en de instelling van de adviescommissie ‘beschermwaardige houtopstanden’.

5. Klopt het dat er naast een adviescommissie ook nog geen toezichthouder is aangesteld, terwijl dit wel is voorgeschreven met Artikel 15 van de Bomenverordening?

a. Zo ja, waarom niet? Hoe gaat het college dit oplossen? Kan de wethouder dit meenemen bij de beloofde andere uitwerkingen in het eerste kwartaal van 2019?

b. Zo nee, wie is hiervoor aangesteld, wanneer is dit gebeurd en voor welke periode?

6. Is het college bereid om alle kapbesluiten over bomen waarvoor een aanvraag tot plaatsing op de monumentale bomenlijst is of wordt ingediend op te schorten, totdat alle procedures in lijn zijn met de Bomenverordening?

Gelieve bij ieder antwoord de bron te vermelden. We gaan ervan uit dat beantwoording binnen 4 weken plaatsvindt en wanneer dit niet lukt dit ter kennis wordt gebracht.

Het lid van de gemeenteraad,

A.L. Bakker (Partij voor de Dieren)

Antwoorddatum: 13 feb. 2019

1. Is het college bekend met het genoemde kapbesluit van twee vleugelnootbomen
(OLO 3855905), de bezwaarschriften en het ingediende schorsingsverzoek?

Antwoord:
Ja het college is bekend met het genoemde kapbesluit van twee
vleugelnootbomen, de bezwaarschriften en het ingediende schorsingsverzoek.
De kap heeft niet plaatsgevonden en de kapvergunning waartegen
de bezwaarschriften zijn ingediend wordt ingetrokken.

2. Kan het college opheldering geven over de aangenomen motie in het stadsdeel,
de waarde van de motie en de gang van zaken rondom de uitvoering?

Antwoord:
De uitvoering van de motie door het stadsdeelbestuur en de aanvraag voor een
kapvergunning zijn gelijk op gelopen, waardoor de kapvergunning in behandeling
werd genomen, terwijl de voordracht om deze bomen monumentaal te verklaren
nog niet rond was.

3. Wat is de juiste procedure voor de plaatsing van bomen op de monumentale
bomenlijst? Welke rol spelen de stadsdelen hierin?

Antwoord:
Bewoners kunnen bij de adviescommissie beschermwaardige houtopstanden
bomen ter bescherming voordragen. De adviescommissie adviseert het DB van
het betreffende stadsdeel om de boom aan de gemeentelijke lijst toe te voegen.
Tegen het besluit van het DB is bezwaar aantekenen mogelijk. Als er geen
bezwaren zijn tegen het plaatsen op de lijst dan wordt de boom aan de stedelijke
lijst toegevoegd en heeft deze beschermde status volgens de regels van de
Bomenverordening gemeente Amsterdam.

4. Kan het college aangeven of er fouten zijn gemaakt in de procedure rondom het
al dan niet plaatsen van de bomen op monumentale bomenlijst?

Antwoord:
Er zijn geen fouten gemaakt in de procedure. Zie het antwoord op vraag 2.

Toelichting door vragenstelster:
Wethouder Ivens heeft aangegeven dat het college in het eerste kwartaal van 2019
met alle missende informatie en de uitwerking van nodige procedures zal komen over
het bomenbeleid, waaronder een bomenboekhouding en de instelling van de
adviescommissie ‘beschermwaardige houtopstanden’.

5. Klopt het dat er naast een adviescommissie ook nog geen toezichthouder is
aangesteld, terwijl dit wel is voorgeschreven met artikel 15 van
de Bomenverordening?

a. Zo ja, waarom niet? Hoe gaat het college dit oplossen? Kan de wethouder dit
meenemen bij de beloofde andere uitwerkingen in het eerste kwartaal van
2019?

b. Zo nee, wie is hiervoor aangesteld, wanneer is dit gebeurd en voor welke
periode?

Antwoord:
Er zijn bevoegde toezichthouders aangesteld zoals bedoeld in de Wabo en in de
bomenverordening Amsterdam. Toezichthouders worden niet specifiek
aangesteld voor groen en bomen, maar toezicht en handhaving op bomen zijn
onderdeel van het handhavingsprogramma van de gemeente Amsterdam.

6. Is het college bereid om alle kapbesluiten over bomen waarvoor een aanvraag tot
plaatsing op de monumentale bomenlijst is of wordt ingediend op te schorten,
totdat alle procedures in lijn zijn met de Bomenverordening?

Antwoord:
(Aanvraag tot) plaatsing op de monumentale bomenlijst is ook nu mogelijk door
middel van de nog niet ontbonden, ad hoc op te roepen, adviescommissie
beschermwaardige houtopstanden van voormalig stadsdeel Zuid. Opschorting
op kapbesluiten acht het college om deze reden niet nodig.

Burgemeester en wethouders van Amsterdam

Femke Halsema, burgemeester Peter Teesink, secretaris