Schrif­te­lijke vragen inzake attracties met vast­ge­bonden roof­vogels en uilen op brade­rieën in Amsterdam Zuidoost


Indiendatum: jan. 2017

De Partij voor de Dieren heeft berichten gekregen van Amsterdammers die zich zorgen maken over roofvogels en uilen die de afgelopen tijd als attractie worden tentoongesteld op braderieën in Zuidoost, zoals bij de Amsterdamse Poort en winkelcentrum Reigersbos. Het gaat om ten minste 4 vogels die op een paal of kast zaten, vastgebonden met hun poot aan een touw, en waarmee bezoekers volgens de opgehangen A4-tjes voor € 3,- op de foto mogen (zie bijlage met foto’s). Onder de vogels bevonden zich vermoedelijk een kerkuil en een oehoe, die onder beschermde inheemse diersoorten vallen volgens de CITES-Basisverordening, bijlage A.

De Partij voor de Dieren deelt de zorgen van de melders en vindt het een trieste vertoning hoe deze vogels, gevangengehouden in een onnatuurlijke omgeving, als vorm van commercieel vermaak worden ingezet.

Als beantwoording van eerdere vragen van de Partij voor de Dieren over het tentoonstellen van dieren op markten, schreef uw college in de brief ‘Evenementen met dieren’ d.d. 7 maart 2016 dat de desbetreffende dieren voor aanvang van het evenement veterinair gekeurd moeten zijn; de gezondheidsverklaring moet worden ingevuld voor aanvang van het evenement en worden afgegeven aan de desbetreffende organisatie en dat de standhouder vakbekwaam moet zijn.

Verder heeft uw college in de genoemde brief afgesproken voor de meest voorkomende evenementen met dieren voorwaarden te stellen waaraan vergunninghouders zich uit oogpunt van dierenwelzijn dienen te houden. Deze voorwaarden zouden worden opgenomen in het Handboek Evenementen. Tevens is in de brief aangegeven dat Amsterdam samen met andere gemeenten bij de Rijksoverheid aandringt op regelgeving voor dierenoptredens van vogels en reptielen.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

1. Is het college bekend met deze commerciële attracties met roofvogels en uilen bij de braderieën in Amsterdam Zuidoost? Worden de vogels naast bij de Amsterdamse Poort en Reigersbos nog op andere locaties in Amsterdam tentoongesteld, en zo ja welke?

2. Hoe vaak worden er roofvogels en uilen op Amsterdamse markten tentoongesteld?

3. Kan het college aantonen of de vogels veterinair gekeurd zijn; of de organisatie in het bezit is van de gezondheidsverklaringen en of de standhouder vakbekwaam is? Zo nee, waarom niet?

4. Kan het college aantonen of het desbetreffende bedrijf gebruikmaakt van beschermde diersoorten, en zo ja, of hiervoor een vergunning is verkregen?

5. De roofvogels en uilen worden tentoongesteld op braderieën die druk bezocht worden, waarbij ook harde geluiden door muziek of kermisattracties te horen kunnen zijn. Hoe beoordeelt het college deze vertoning als het gaat om dierenwelzijn?

6. Deelt het college de mening van de Partij voor de Dieren dat dit evenement dierenleed met zich mee kan brengen? Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat evenementen die dierenleed met zich meebrengen niet mogen worden gehouden?

7. Wat is de stand van zaken rondom het voornemen van het college om voor de meest voorkomende evenementen met dieren voorwaarden te stellen waaraan vergunninghouders zich uit oogpunt van dierenwelzijn dienen te houden?

8. Wat zijn de laatste ontwikkelingen rondom het met andere gemeenten aandringen bij de Rijksoverheid op regelgeving voor dierenoptredens van vogels en reptielen?

9. Is het college bereid, samen met andere gemeenten, de tekortkoming in de Wet dieren tegen dit soort tentoonstellingen met roofvogels aan te kaarten zodat er strenge regels vanuit het oogpunt van dierenwelzijn komen?

Gelieve bij ieder antwoord de bron te vermelden.

Het lid van de gemeenteraad,

J.F.W. van Lammeren

Indiendatum: jan. 2017
Antwoorddatum: 13 jan. 2017

1. Is het college bekend met deze commerciële attracties met roofvogels en uilen bij de braderieën in Amsterdam Zuidoost? Worden de vogels naast bij de Amsterdamse Poort en Reigersbos nog op andere locaties in Amsterdam tentoongesteld, en zo ja welke?

Antwoord:
Het is het college bekend dat er af en toe roofvogels en uilen worden gebruikt bij braderieën en andere buitenevenementen.

2. Hoe vaak worden er roofvogels en uilen op Amsterdamse markten tentoongesteld?

Antwoord:
Bij de aanvraag van evenementen is het niet verplicht aan te geven of er bij het evenement dieren worden gebruikt. De aanvrager vraagt in algemene bewoording een activiteit aan (braderie), maar hoeft geen uitputtende opsomming van de verschillende activiteiten te geven. Er is geen overzicht te geven waar en hoe vaak roofvogels en uilen zijn gebruikt op braderieën en markten.

3. Kan het college aantonen of de vogels veterinair gekeurd zijn; of de organisatie in het bezit is van de gezondheidsverklaringen en of de standhouder vakbekwaam is? Zo nee, waarom niet?

4. Kan het college aantonen of het desbetreffende bedrijf gebruikmaakt van beschermde diersoorten, en zo ja, of hiervoor een vergunning is verkregen?

Antwoord vragen 3 en 4:
Nee. Handhaving vindt plaats door de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA). De NVWA kan er bij controles op toezien dat de organisatie in het bezit is van gezondheidsverklaringen, een bewijs van vakbekwaamheid, en een vergunning voor beschermde diersoorten.

5. De roofvogels en uilen worden tentoongesteld op braderieën die druk bezocht worden, waarbij ook harde geluiden door muziek of kermisattracties te horen kunnen zijn. Hoe beoordeelt het college deze vertoning als het gaat om dierenwelzijn?

Antwoord:
Het college is uit oogpunt van dierenwelzijn tegen het gebruik van roofvogels en uilen bij evenementen, maar kan dit niet verbieden.

6. Deelt het college de mening van de Partij voor de Dieren dat dit evenement dierenleed met zich mee kan brengen? Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat evenementen die dierenleed met zich meebrengen niet mogen worden gehouden?

Antwoord:
Ja. Samen met andere gemeenten heeft wethouder dierenwelzijn, namens het college, er vorig jaar bij de rijksoverheid op aangedrongen snel te komen met een positieflijst voor het al dan niet mogen houden van vogels, reptielen en amfibieën. Het college is er op tegen dat dergelijke dieren bij evenementen worden gebruikt, maar gemeenten hebben van de rijksoverheid slechts beperkte bevoegdheden gekregen om evenementen met dieren tegen te gaan. Evenementen mogen immers niet worden verboden op grond van dierenwelzijn.

7. Wat is de stand van zaken rondom het voornemen van het college om voor de meest voorkomende evenementen met dieren voorwaarden te stellen waaraan vergunninghouders zich uit oogpunt van dierenwelzijn dienen te houden?

Antwoord:
Om dierenleed te voorkomen kunnen voorwaarden worden gesteld om te zorgen dat de dieren gezond zijn en de houder vakbekwaam is. Het college gaat het beleid voor evenementen in de openbare ruimte in 2017 zodanig aanpassen, dat er voor evenementen waarbij dieren zijn betrokken altijd een evenementenvergunning moet worden aangevraagd, en om verplichtingen op te nemen over gezondheidsverklaring en vakbekwaamheid.

8. Wat zijn de laatste ontwikkelingen rondom het met andere gemeenten aandringen bij de Rijksoverheid op regelgeving voor dierenoptredens van vogels en
reptielen?

Antwoord:
De bevoegdheden van gemeenten op het gebied van dierenwelzijn worden beperkt door wetgeving die als uitputtend bedoeld is. Met het ministerie van Economische Zaken heeft ambtelijk overleg plaatsgevonden, waarbij onder meer verzocht is om gemeenten meer bevoegdheden te gaan geven om beperkingen te stellen aan evenementen met dieren.

9. Is het college bereid, samen met andere gemeenten, de tekortkoming in de Wet dieren tegen dit soort tentoonstellingen met roofvogels aan te kaarten zodat er strenge regels vanuit het oogpunt van dierenwelzijn komen?

Antwoord:
Ja. Het college is hiertoe bereid.

Burgemeester en wethouders van Amsterdam

A.H.P. van Gils, secretaris E.E. van der Laan, burgemeester