Schrif­te­lijke vervolg­vragen op de schrif­te­lijke vragen van het lid De Jager van 6 april 2020 inzake maat­re­gelen tegen de eiken­pro­ces­sierups


Om de problematiek met de eikenprocessierups op te lossen zou de gemeente vooral inzetten op het terugbrengen van de natuurlijke balans, door het vergroten van de biodiversiteit en het plaatsen van nestkasten voor vogels en vleermuizen.[i]

Op de gemeentelijke website en in het Parool van 17 april jl. werd geschreven over de behandeling van eiken in de stad door middel van het bespuiten met een gel met aaltjes en later nog een keer met een preparaat met bacteriën.[ii],[iii]

De Partij voor de Dieren wil graag opheldering over de precieze behandelmethode, gezien er zorgwekkende signalen zijn over het gebruik van het omstreden sproeimiddel Xentari.[iv],[v],[vi] Op Twitter stond Amsterdam opgenomen in een lijst met gemeenten die hier gebruik van zouden maken, gepubliceerd door een medewerker van de Vlinderstichting.[vii] Vorige week werd ook een proef met het middel Vertimec afgebroken vanwege schadelijke gevolgen voor het milieu.[viii]

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van de Partij voor de Dieren, op grond van artikel 45 van het Reglement van orde voor de raad van Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

  1. Welke middelen worden er in Amsterdam gebruikt bij de behandeling van eikenbomen tegen de eikenprocessierups?
  2. Deed Amsterdam mee aan de proef met Vertimec? Indien ja: wat zijn hiervan de gevolgen?
  3. Indien gebruik wordt gemaakt van Xentari: hoe verantwoordt het college dit gebruik gezien de schade die het toebrengt aan andere aanwezige insecten? Wil het college afzien van deze behandelmethode en sterker inzetten op het vergroten van de biodiversiteit en het stimuleren van de natuurlijke balans met natuurlijke vijanden?

Het lid van de gemeenteraad,

A.L. Bakker

[i] https://amsterdam.raadsinformatie.nl/vergadering/558726#ai_5039970

[ii] https://www.amsterdam.nl/nieuws/nieuwsoverzicht/start-bestrijding-rups/

[iii] https://www.parool.nl/amsterdam/biologische-oorlog-tegen-eikenprocessierups-in-parken-begonnen~b4de8011/

[iv] https://www.ad.nl/amersfoort/politiek-zet-vraagtekens-bij-gebruik-xentari-tegen-eikenprocessierups~a809b311/

[v] https://www.destentor.nl/zwolle/minstens-24-gemeenten-in-ons-gebied-gebruiken-omstreden-xentari-in-de-oorlog-tegen-de-jeukrups~afa7cdec/

[vi] https://www.rtvoost.nl/nieuws/311185/Zorgen-om-veelgebruikt-bestrijdingsmiddel-jeukrups-Fataal-voor-alle-rupsen

[vii] https://twitter.com/birdingstip/status/1251609652107849728

[viii] https://nos.nl/artikel/2330648-bestrijdingsmiddel-eikenprocessierups-te-risicovol-streep-door-proef.html

Antwoorddatum: 7 mei 2020

1. Welke middelen worden er in Amsterdam gebruikt bij de behandeling van eikenbomen tegen de eikenprocessierups?
Antwoord: De eerste behandeling, als de eitjes net uit zijn gekomen, bestaat uit het beregenen van een selectie van bomen met een vloeistof met nematoden. De tweede behandeling, als de bladeren van de eikenbomen verder ontwikkeld zijn, bestaat uit het beregenen met het biologische bacteriepreparaat Bacillus thuringiensis (BT), beter bekend als XenTari.

2. Deed Amsterdam mee aan de proef met Vertimec? Indien ja: wat zijn hiervan de gevolgen?
Antwoord: Nee, Amsterdam heeft hier niet aan mee gedaan. Wij passen al jaren een bewezen effectieve methode toe, met de minste kans op ecologische schade. Pas als een methode wetenschappelijk gevalideerd is en het Kenniscentrum Eikenprocessierups positief adviseert, valt een andere methode te overwegen.

3. Indien gebruik wordt gemaakt van Xentari: hoe verantwoordt het college dit gebruik gezien de schade die het toebrengt aan andere aanwezige insecten? Wil het college afzien van deze behandelmethode en sterker inzetten op het vergroten van de biodiversiteit en het stimuleren van de natuurlijke balans met natuurlijke vijanden?


Antwoord: Het Kennisplatform Eikenprocessierups schrijft over XenTari: “Er is geen wetenschappelijk bewijs dat er risico of nadelige effecten ontstaan op niet doel-organismen uit de insectenwereld zoals bijen, hommels, keverlarven, vliegen, wespen, wantsen, luizen, etcetera. Ook andere dieren zoals vogels zullen geen gezondheidseffecten ondervinden door inname van het middel of door het opvreten van rupsen die aan BT zijn gestorven.”

Amsterdam past beide biologische middelen (nematoden en XenTari) niet toe in ecologisch beheerde gebieden en plekken waar beschermde en/of bedreigde vlindersoorten leven. Het middel wordt alleen in eikenbomen gespoten. Het is daarmee het meest selectieve middel dat momenteel beschikbaar is.

De lange termijn strategie om een meer natuurlijke aanpak na te streven behelst het volgende:
- Van Amsterdamse populieren die vanwege veiligheid zijn gekapt zijn ca. 3.000 vogelnestkasten en vleermuisverblijven gemaakt door de Werkbrigade. De Werkbrigade heeft de vogelnestkasten op door de stadsecologen aangewezen plekken opgehangen, waar de omgeving reeds geschikt is om nu al pimpelmezen, koolmezen en boomklevers (die de rupsen eten) aan te trekken. De vleermuisverblijven volgen vóór de zomer, voordat de vlinders uitvliegen waar de vleermuizen op jagen. Deze nestkasten worden jaarlijks gemonitord en onderhouden. Jaarlijks wordt bekeken waar een uitbreiding van nestkasten kan komen.
- In 2014 is in de Agenda Groen vastgesteld om 50% van het groen buiten de ecologische hoofdstructuur insectvriendelijk te beheren. Dit bevordert de biodiversiteit en trekt predatoren en parasieten van verschillende plaaginsecten aan. Behalve de eikenprocessierups valt te denken aan de rups van de bastaardsatijnvlinder, de dennenprocessierups (die sinds dit jaar ook in Nederland voorkomt, maar nog niet in Amsterdam) maar ook ongevaarlijke insecten zoals de spinselmot of bladluis die soms overlast bezorgen. Het aanbrengen van bloemrijke begroeiing bij eikenbomen wordt meegenomen met de kansenkaart ecologisch beheer die momenteel in de maak is. Tevens wordt vanaf dit jaar gras rondom eiken niet gemaaid.
Hierdoor krijgen natuurlijke predatoren een kans en wordt het voor Amsterdammers minder aantrekkelijk om direct onder een eikenboom te recreëren.

- We sturen op het voorkómen van monoculturen (één soort boom of plant). Straten of andere plaatsen waar alleen maar eikenbomen staan, zijn extra aantrekkelijk voor de eikenprocessierups omdat daar een grote voedselvoorraad aanwezig is. Hierdoor ontstaat grote overlast. Diversiteit in boomsoorten helpt mee aan een gezond ecosysteem waar de natuur zichzelf in balans houdt. Dit vergt nog een verdere afstemming met o.a. ontwerpers en diverse projecten en programma’s in de buitenruimte.

De natuurlijke balans herstellen is een proces dat niet in een paar maanden is geregeld. In zeer stenige gebieden zal preventieve bestrijding noodzakelijk blijven om aan de zorgplicht te voldoen.