Open brief aan de Stichting Kunst­beurs inzake heli­kop­terkat


8 juni 2012

Aan de Stichting Kunstbeurs,


Afgelopen week lazen wij met verbijstering over een van de kunstwerken die worden getoond tijdens de KunstRAI. U raadt waarschijnlijk al op welk kunstwerk wij doelen - de ‘Orvillecopter’ van Bart Jansen.

De Amsterdamse fractie van de Partij voor de Dieren maakt zich zorgen over het toenemende gebruik van dieren, levend dan wel dood, in de beeldende kunst. De ‘Orvillecopter’ is hiervan een voorbeeld.

Het is in Nederland lange tijd een traditie geweest om zogenaamde kwelspelen te spelen met dieren, zoals katknuppelen en palingtrekken. In de tijd dat er nog geen KunstRAI, televisie en internet bestonden, was dit een gewone vorm van volksvermaak. Begin twintigste eeuw zijn deze wrede spelletjes verboden, net zoals we als samenleving kinderarbeid, het hebben van slaven en het gebruiken van hondenkarren op een zeker moment niet meer aanvaardbaar vonden. Uit respect voor de mensen en de dieren die onderwerp van de activiteit waren

De Partij voor de Dieren is van mening dat mensen en dieren met respect behandeld dienen te worden. Wij richten ons wat dieren betreft in eerste instantie op de dieren die leven in de vee-industrie, de bontindustrie en bijvoorbeeld het circus.

De Orvillecopter snijdt een heel ander thema aan. Het gaat hier om een, naar zeggen van de kunstenaar, aan een ongeluk gestorven kat, die vervolgens in een vriezer is geconserveerd om later gebruikt te worden in een kunstwerk.

De kunst heeft een belangrijke rol in de samenleving. Die rol is gelukkig al lang niet meer uitsluitend beperkt tot het verschaffen van esthetisch genot, het verkondigen van een kerkelijke of morele boodschap, of het weergeven van de rijkdom en macht van bepaalde families. Kunst mag over zichzelf gaan, kunst is autonoom geworden, kunst van meer conceptuele aard biedt vandaag de dag ruimte aan de interpretatie van de toeschouwer en complexe ideeën.

Als we de Orvillecopter op die laatste manier bekijken dan kunnen wij die nog het beste als volgt interpreteren. Het gebrek aan fatsoen en respect voor het aan een ongeluk gestorvene huisdier van de kunstenaar wekt in de toeschouwer een gevoel van immoraliteit en walging op. Het kunstwerk trekt aan en stoot af. Het is abject en refereert door zijn provocatie toch weer indirect aan de gemeenschappelijke moraal.

De trend van abjecte kunst zien we al lange tijd. Ik denk hierbij als vroeg voorbeeld aan Object – Le Déjeuner en fourrure van Meret Oppenheim uit 1936 (onder het motto ‘Alles kan worden bekleed met bont, zelfs deze kop en schotel’!), als toonbeeld van artistieke vrijheid en onder de vlag van het surrealisme. Recenter voorbeelden zijn werken van Damien Hirst, Tinkebell en Les Deux Garçons.

De kat van Bart Jansen is in zijn kunstwerk verworden tot een object, een stuk speelgoed. De waarden die hij in zich droeg als huisdier, als dier met een intrinsieke waarde, een dier dat gezelschap vormde voor een mens, zijn in één keer uitgewist op het moment dat hij is gemonteerd op de minihelikopter. De kat wordt bovendien door de kunstenaar neergezet in een zeer onnatuurlijke houding, als een voorwerp waarmee de spot gedreven kan worden. De toeschouwer kan hieruit alleen maar concluderen dat dit een immorele vorm van kunst is.

De Partij voor de Dieren is van mening dat respect voor mensen en dieren niet ophoudt wanneer de grens van het leven naar de dood is overschreden. Wij vinden daarnaast dat respect niet ophoudt bij de voordeur van een kunstinstelling.

Dat kunst een autonome status heeft verworven juichen wij toe. Zoals Picasso en Oppenheim in de jaren dertig al zeiden: ‘Alles kan worden bekleed met bont, zelfs deze kop en schotel’. Maar dat alles kán, betekent niet dat alles ook moet omdát het kan. Kunst staat niet los van de samenleving en kan zich daar ook niet aan onttrekken. Daarom laten wij u vanuit die samenleving dit geluid van kritiek horen.

Wij verzoeken u, namens een grote groep Nederlanders die respect voor mens en dier hoog in het vaandel hebben staan, om bij het selecteren van kunstenaars en kunstwerken in het vervolg na te gaan of het kunstwerk met respect voor mens en dier is gemaakt en of het dit respect ook uitdraagt. Als dit niet het geval is, vragen wij u om niet voorbij te gaan aan de morele bezwaren die vele burgers hiertegen hebben en verzoeken wij u vriendelijk het kunstwerk niet tentoon te stellen.

Johnas van Lammeren
Fractievoorzitter Partij voor de Dieren Amsterdam

[plugin news default "vermaak"]

[plugin vragen null "vermaak"]