Geen zonne­pa­nelen in natuur­gebied


11 maart 2020

De gemeente Amsterdam staat voor grote uitdagingen in de lokale aanpak van klimaatverandering. Woensdag werd de Regionale Energie Strategie in de gemeenteraad besproken. Johnas van Lammeren staat positief tegenover de plannen van de wethouder, maar maakt zich zorgen over de plannen voor windmolens in natuurgebieden en zonnepanelen op water.

Zonne-energie is voor de energietransitie van groot belang. Vele Amsterdamse daken kunnen gebruikt worden voor de aanleg van zonnepanelen. Zonnepanelen op water kunnen echter gevolgen hebben voor de biodiversiteit. Zo uiten natuurbeschermers hun zorgen over drijvende zonnepanelen vanwege de mogelijke vernietiging van ecosystemen in het water wanneer zonlicht op deze manier wordt geblokkeerd. Ook bij windmolens is het noodzakelijk om na te gaan wat de gevolgen zijn voor vogels en insecten.

De Partij voor de Dieren heeft samen met GroenLinks en D66 een motie ingediend om behoud en bescherming van biodiversiteit prioriteit te laten zijn en onderzoek te doen naar maatregelen die kunnen voorkomen dat het opwekken van zonne- en windenergie negatieve gevolgen heeft voor de biodiversiteit.

Toch dient juist GroenLinks ook moties in om in het IJmeer en op de Noorder IJplas zonnepanelen te leggen. Natuurmonumenten en de Vogelbescherming luiden juist de noodklok over deze drijvende panelen. Vogels en vleermuizen vliegen tegen de glanzende panelen aan, omdat ze ze aanzien voor water. Ook wordt wateroppervlakte ingenomen, terwijl vogels dat water nodig hebben om voedsel te zoeken, te rusten en te broeden. Het leef- en foerageergebied neemt zodoende af. Verder is er nog te weinig bekend wat de gevolgen zijn voor het onderwaterleven als zonlicht niet doorkomt.

Johnas van Lammeren: ‘Ik ben verbaasd dat GroenLinks aan de ene kant eerst onderzoek wil doen en aan de andere kant het IJmeer en de Noorder-IJplas wil bedekken met zonnepanelen. Richt eerst je pijlen op alle onbenutte daken van Amsterdam en kijk niet direct naar natuurgebieden. De natuurgebieden hebben we in deze biodiversiteitscrisis hard nodig.’