Schrif­te­lijke vragen inzake het sjoemelen met de groennorm op daken en gevels


Indiendatum: 11 mrt. 2022

In de Investeringsnota Hamerkwartier[1] wordt 40% van de groennorm ingevuld door middel van “groen op kavels”, dus niet in de openbare ruimte maar op eigengrond of in erfpacht uitgegeven grond. Niet alleen in het Hamerkwartier, maar ook bij andere investeringsnota’s wordt groen op kavels en gebouwen meegeteld voor de groennorm. De groennorm voorziet echter ook in regels over de manier waarop dit gebeurt. Deze regels zijn door het college vastgesteld in het document “Amsterdamse referentienorm voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen” in 2018. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen gebruiksgroen en ecosysteemgroen.

Voor gebruiksgroen geldt dat “De norm voor gebruiksgroen zorgt voor stedelijk attractief groen waarin men kan verblijven en recreëren. De oppervlakte dient minimaal een 0,5 ha aaneengesloten te zijn en dient voor 60% te bestaan uit levend groen. De resterende oppervlakte is bedoeld voor paden, water en andere voorzieningen als sport en spel.” Bovendien gelden er afstandseisen voor dit type groen.[2]

Voor ecosysteemgroen is bepaald: “De norm voor Ecosysteemgroen heeft als belangrijkste doel de buurt klimaatadaptief te maken, maar draagt ook bij aan de beleving en gezondheid van de Amsterdammer. Het groen draagt bij aan het programma Rainproof en natuurinclusief maken van de buurt, ook het gebruiksgroen draagt bij aan deze doelen. Van deze norm mag maximaal 25% op de kavel of het dak worden gerealiseerd.”[3]

In het Hamerkwartier is voor de eerste fase 38.920m2 ecosysteemgroen gepland, waarvan 34.000m2 op kavels en gebouwen. In totaal is er 71.980m2 ecosysteemgroen gepland voor het Hamerkwartier, waarvan 64.700m2 op kavels en gebouwen. Dit zal veelal op daken en gevels zijn, maar zou in (niet-openbare) tuinen een plek kunnen krijgen. Een zeer groot deel van het ecosysteemgroen in het Hamerkwartier wordt dus op daken en gevels gepland, terwijl de groennorm voorschrijft dat dit slechts 25% mag zijn. In de werkelijkheid wordt er niet maximaal 25% van het ecosysteemgroen op daken, gevels en kavels gerealiseerd, er wordt maar liefst 87% van het ecosysteemgroen in de eerste fase van het Hamerkwartier op daken, gevels en kavels gerealiseerd. De Partij voor de Dieren signaleert hiermee dat er gesjoemeld wordt met de groennorm-eisen en vindt dit een zeer zorgelijke ontwikkeling.

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van Partij voor de Dieren, op grond van artikel 84 van het Reglement van orde gemeenteraad en raadscommissies Amsterdam, de volgende schriftelijke vragen:

  1. Klopt het dat in het Hamerkwartier 90% van het totale ecosysteemgroen (en 87% in de eerste fase) gepland is op daken, gevels en kavels, terwijl de groennorm duidelijk stelt dat slechts 25% van het ecosysteemgroen op daken en kavels mag worden gerealiseerd? Kan het college hier opheldering over geven?
  2. Hoe kan het college garanderen dat, indien ecosysteemgroen op eigen grond of in erfpacht uitgegeven grond wordt gerealiseerd, dit ecosysteemgroen ook daadwerkelijk groen wordt én blijft en niet bijvoorbeeld tot terras, schuurtjes, uitbouw, betegelde tuinen etc. wordt omgevormd?
  3. Volgens de berekeningen van de Partij voor de Dieren mag er maximaal 9730m2 ecosysteemgroen op daken en gevels worden gerealiseerd voor de eerste fase (25% van 38.920m2) en 17.995m2 in totaal (25% van 71.980m2). Ervan uitgaande dat groen gerealiseerd op kavels grotendeels op daken en gevels zou komen, mist er dus nog 24.270m2 ecosysteemgroen in de eerste fase en 46.705m2 ecosysteemgroen in het gehele plan. Kan het college bevestigen dat de 25%-eis aan het ecosysteemgroen niet is meegenomen in de plannen voor het Hamerkwartier? Zo ja, hoe beoordeelt het college dit?
  4. Blijft de wethouder achter haar woorden richting de raad van 17 februari jongstleden staan “ik ben het niet eens dat dit sjoemelgroen is, dit is hoe de raad heeft besloten hoe de groennorm moet worden opgebouwd, daar wordt in dit plan in voorzien” en “we niet moeten doen alsof we ons niet aan de normen houden terwijl we dat wel doen”?
  5. Gaat het college de plannen voor het Hamerkwartier aanpassen zodat dit substantiële tekort in de groennorm alsnog kan worden gecompenseerd en het plan alsnog aan de regels van de groennorm gaat voldoen? Graag een toelichting.
  6. Is het college bereid om alle plannen nog eens onder de loep te nemen als het gaat om het behalen van de groennorm, hierbij specifiek te kijken naar het meetellen van groen op kavels en gebouwen en te rapporteren aan de raad bij welke plannen de groennorm nog meer niet aan de door het college vastgestelde regels voldoet? Zo ja, kan het college dit door een extern en onafhankelijk bureau laten uitvoeren en wanneer kan de raad dit tegemoet zien? Zo nee, waarom is het college hier niet toe bereid?
  7. Hoe staat het met de uitwerking van de aangenomen motie (553.21) over het ontwikkelen van een monitor groennorm? Is het college van plan om hierbij ook specifiek op te nemen hoeveel gebruiksgroen en ecosysteemgroen het gaat, en hoeveel daarvan zich op daken, gevels en kavels bevindt?
  8. Kan het college verklaren waarom er in de investeringsnota Hamerkwartier stelselmatig gevels worden meegerekend voor het behalen van de groennorm, terwijl daarover in het beleidsdocument “Amsterdamse referentienorm” uit 2018 niet gesproken wordt?

Het lid van de gemeenteraad,

J.F. Bloemberg-Issa


[1] Van bedrijventerrein tot Hamerkwartier, een nieuwe wijk voor Amsterdam Noord (raadsinformatie.nl)

[2] vrm21_401_20180109_referentienorm_maatschappelijke_voorzieningen.pdf p. 27-28.

[3] vrm21_401_20180109_referentienorm_maatschappelijke_voorzieningen.pdf p. 27-28.