Zwerf­afval: de vervuiler verant­woor­delijk


Partij voor de Dieren dient initi­a­tief­voorstel in

30 april 2021

Inleiding

Amsterdam kampt met een afvalprobleem. In de straten ligt veel zwerfafval. Amsterdamse parken en straten liggen bezaaid met plastic tassen, hamburgerwegwerpdoosjes, plastic verpakkingen enzovoorts, vaak voorzien van logo’s van bekende ketens en supermarkten.

Zwerfvuil komt uiteindelijk terecht in de natuur, de grachten en de zee. Dieren raken in het zwerfafval verstrikt, het leefmilieu van dieren wordt vervuild en schadelijke stoffen en deeltjes zoals microplastics komen vrij in het milieu en breken nooit af. Dit alles heeft negatieve gezondheidsconsequenties voor mens en dier.

De gemeente heeft er de handen aan vol aan om al het zwerfvuil op te ruimen, nog bovenop haar normale afvalophaaltaken. Dat kost ook een hoop gemeentegeld. Het college zet in haar aanpak van afvalproblematiek voor een groot deel in op het vergroten van bewustwording onder inwoners. De Partij voor de Dieren kan zich erin vinden dat dit erg belangrijk en nuttig is, maar acht het op basis van haar bevindingen en observaties niet effectief genoeg. Er blijft een belangrijke groep buiten schot: naast gemeenten en burgers kunnen ook bedrijfsketens profiteren van een schone omgeving én hieraan bijdragen. De fractie van de Partij voor de Dieren wil dat bedrijfsketens verantwoordelijk gesteld worden voor het zwerfafval dat zij produceren omdat dit een gerichte aanpak bij de bron vormt.

Het doel van Partij voor de Dieren is niet het uitdelen van boetes maar juist grote ketens die inkoopmacht hebben te dwingen creatief te worden om de verpakkingen zo aan te (laten) passen dat deze niet meer tot zwerfvuil worden. Door de aanpak van boetes, naming en shaming verwachten wij meer urgentie bij bedrijven om tot een integrale aanpak te komen.

De vervuiler binnen straal van 150 meter verantwoordelijk stellen

Juridisch is het momenteel nog mogelijk om bedrijven aansprakelijk te stellen voor het zwerfvuil dat zij veroorzaken binnen een straal van 25 meter middels de zogenaamde ‘25-meter regel’ (Artikel 2.13 van het Activiteitenbesluit[i]) die sinds 2008 van kracht is. Hierin is vastgelegd dat een ondernemer, zo vaak als nodig, het zwerfafval (etenswaren, verpakkingen of andere materialen) in een straal van 25 meter vanaf de voordeur van zijn zaak moet verwijderen. Volgens Kenniswijzerzwerfafval.nl zijn veel gemeenten en ondernemers hier echter niet van op de hoogte, gaan zij hier verschillend mee om, of zijn zij zich niet bewust van de consequenties[ii]. Het Activiteitenbesluit komt binnenkort te vervallen met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De ’25-meter regel’ zal tijdelijk (tot uiterlijk 2029) worden meegenomen in de bruidsschat van de Omgevingswet, maar in de wijziging van het Landelijk afvalbeheerplan (LAP3) is vastgelegd dat gemeenten in hun omgevingsplan voor (uiterlijk) 2029 een regel op moeten nemen over het opruimen van zwerfafval[iii]. Om deze reden benadrukt o.a. Rijkswaterstaat dat hét moment is aangebroken voor gemeenten om opnieuw te besluiten over regels omtrent het opruimen van zwerfafval en de toepassing en straal van de maatregelen toe te spitsen op de lokale situatie.

De fractie van de Partij voor de Dieren ziet graag dat Amsterdam een voortrekkersrol pakt op het gebied van de zwerfafvalaanpak. Het nieuwe Omgevingsplan biedt hiertoe kansen door het principe van de ‘25-meterregel’ in verruimde vorm op te nemen. Ervaring met een dergelijke verruimde implementatie van de ‘25-meterregel’ blijkt erg succesvol op plekken in Nederland waar hier al mee geëxperimenteerd is. Zo hebben de gemeenten Nijmegen en Amersfoort sinds 2008 speciale afspraken gemaakt met bepaalde ondernemers, zoals McDonalds. De vestigingen ruimen hun afval binnen een straal van 100 meter op met de inzet van prikkers[iv]. Bij McDonalds Amersfoort is hierdoor 80 tot 90% minder zwerfafval van bezoekers geconstateerd[v].

De fractie van de Partij voor de Dieren stelt een verruimde versie van de ’25-meter regel’ voor waarmee bedrijfsketens in een straal van 150 meter verantwoordelijk worden gesteld voor het zwerfafval dat zij produceren. In Amsterdam zal de invoering van een opruimplicht in een straal van 150 rondom de bedrijfsvestiging grote vervuilers zoals fastfoodketens en supermarkten kunnen doen besluiten betere afvalvoorzieningen te treffen en extra medewerkers in dienst te nemen om vuil dat toch op straat belandt op te ruimen. Een opruimplicht is tevens wenselijk aangezien dit bedrijven zal stimuleren om niet meer te pas en te onpas vervuilende verpakkingen et cetera mee te geven aan klanten en klanten actief te verzoeken de resterende verpakkingen netjes weg te gooien in daarvoor bestemde prullenbakken. De gemeente Amsterdam kan zo het gebruik van wegwerpmateriaal op een indirecte manier terugdringen. Wanneer er alsnog vuil in het milieu belandt, dan betaalt, geheel terecht, de vervuiler voor de benodigde opruimkosten ofwel een boete.

Zwerfvuilawards voor jaarlijkse top 3 meest vervuilende bedrijven

Hierboven is al de afremmende werking die de maatregel zal hebben op de productie van zwerfafval door bedrijfsketens omschreven. De fractie van de Partij voor de Dieren verwacht dat de productie van zwerfvuil daarnaast nog extra effectief kan worden ontmoedigd door als gemeente actief over zwerfvuilveroorzakers te communiceren. Bedrijven zullen namelijk niet graag bekend staan als grootste vervuilers van de stad, omdat dit slecht is voor hun imago. De preventieve uitwerking van naming and shaming kan door de gemeente ‘benut’ worden door jaarlijks de balans op te maken van welke bedrijven het meeste zwerfafval geconstateerd wordt binnen de gemeente. Ondergetekende stelt voor om vervolgens een top 3 van de meest vervuilende bedrijven openlijk op de website en sociale mediakanalen van de gemeente te publiceren en aan hen de gemeentelijke zwerfvuilawards uit te reiken.

Voorstel

Verzoekt:

  1. fastfoodketens, horecagelegenheden en supermarkten binnen een straal van 150 meter verantwoordelijk te stellen voor het door hen geproduceerde zwerfvuil door het principe van de zogenoemde ‘25-meter regel’ (Artikel 2.13 van het huidige Activiteitenbesluit) in verruimde versie op te nemen in het Omgevingsplan;
  2. een manier te vinden om bovenstaande opruimplicht ook al voorafgaand aan de inwerkingtreding van het Omgevingsplan zo spoedig mogelijk te implementeren;
  3. te onderzoeken welke bedrijven het meeste zwerfvuil veroorzaken binnen de gemeente;
  4. jaarlijks een top 3 van meest vervuilende bedrijven te publiceren en aan hen de gemeentelijke zwerfvuil awards (‘de Zwerfie’) uit te reiken.

[i] https://wetten.overheid.nl/BWBR0022762/2021-01-01

[ii] https://kenniswijzerzwerfafval.nl/document/de-25-meter-regel-achtergrond-en-toepassingen-de-praktijk

[iii] https://kenniswijzerzwerfafval.nl/download_document/1476

[iv] https://www.google.com/url?q=https://kenniswijzerzwerfafval.nl/download_document/694&sa=D&source=editors&ust=1615475374938000&usg=AOvVaw2XHg3tk9emw8wVVipp7dOk

[v] http://www.kenniswijzerzwerfafval.nl/sites/default/files/media/Senter%20Novem%20en%20Stichting%20Nederland%20Schoon_Handhaven%20in%20de%20praktijk%20-%20winkelgebieden.pdf



Status

Ingediend